Het afstellen van de wagenhoogte

Het afstellen van de wagenhoogte

Onze 2CV heeft al vanaf het ontwerp een zeer bijzonder veersysteem. De vering van het voor- en achterwiel aan elke zijde is gekoppeld. Ieder wiel is gemonteerd aan een draagarm waaraan een trekstang is verbonden. Deze trekstangen van voor- en achterwiel zijn verbonden met een gezamenlijke veerpot, die aan beide zijden naast het chassis is opgehangen. In de veerpot zit een afzonderlijke veer voor het voor- en achterwiel. Doordat de veerpotten beperkt zwevend zijn opgehangen beïnvloedt het inveren van de voorwieldraagarm de spanning van de veer van de achterste draagarm aan dezelfde zijde en omgekeerd. De trekstangen zijn door middel van trekstangogen en kantelmessen met de draagarmen verbonden. De trekstangogen zijn met schroefdraad aan de trekstangen bevestigd. Door de trekstangen in het trekstangoog in of uit te draaien kan de wagenhoogte worden afgesteld.

De correcte hoogte
Een correcte wagenhoogte is erg belangrijk. Het beïnvloedt in hoge mate de rijeigenschappen van onze 2CV. Zo kunnen er een aantal ongemakken optreden bij een niet correcte hoogteafstelling. Deze kunnen zijn: Scheeftrekken bij rechtuit rijden; scheeftrekken bij remmen; schudden van de auto bij afremmen en optrekken; uiteraard scheefhangen van de auto; bij een zware belading het doorveren op de aanslagen en bij het nemen van verkeersdrempels de grond raken.

Het afstellen van de wagenhoogte voor 2CV’s van 1950 tot 1962
Plaats de wagen op een vlakke, horizontale vloer en draai de voorwielen in de stand ‘rechtuit’. Neem van de vier draagarmen de sluitdeksels af en verwijder de vier wrijvingsschokbrekers (frotteurs). Dit is belangrijk, omdat met gemonteerde frotteurs geen correcte hoogteafstelling mogelijk is. Hydraulische schokbrekers hoeven niet te worden verwijderd. Leg in de Berline een gewicht van 50 kg in het midden van de kofferruimte of in de Camionette een gewicht van 60 kg in het midden van de laadruimte, tussen de achteras en de deuren. Zorg dat de banden de juiste spanning hebben. De 2CV moet verder rijklaar zijn, met het normale standaardgereedschap, het reservewiel en 5 liter benzine. Ook dient het chassis niet vervormd te zijn, en qua maatvoering aan de fabrieksspecificaties te voldoen.

Beweeg de 2CV voor het meten enkele malen bij de voor- en achterbumper op en neer en laat de wagen uit zichzelf tot rust komen. Meet nu de hoogtes voor en achter.

Zorg dat de veerpotten correct zijn afgesteld. Krik de auto zodanig op dat de wielen van de grond zijn. Stel eerst de rijhoogte af aan de voorkant door de veerstangen te verdraaien totdat de afstand van de vloer tot de onderkant van de voorste draagarmnaven, achter de afsluitplaat van de frotteurs (zie figuur 2 en 3), de waarde bedraagt zoals aangegeven in de tabel, voor het juiste type 2CV en bouwjaar. Tijdens het draaien moeten de veerpotten worden vastgehouden, zodat deze niet meedraaien. Uiteraard dient het meten te geschieden, wanneer de wielen weer geheel op de grond staan.

Het juiste gereedschap
Gebruik voor het verdraaien van de trekstangen het liefst een speciale sleutel, of hulpstuk, (zie foto 4), anders een steeksleutel van 8 mm of een Bahco (zie foto 5). Gebruik nooit een waterpomptang of pijpentang, aangezien de tanden van deze tangen de trekstang zullen beschadigen, waardoor de trekstang kan afbreken.

Stel daarna de rijhoogte achter af, door de achterste trekstangen zodanig te verdraaien, dat de afstand van de vloer tot de onderkant van de achterste draagarmnaaf, achter de afsluitplaat van de frotteur de waarde bedraagt in de tabel, wederom voor hetzelfde type en bouwjaar 2CV. Door het afstellen van de hoogte achter, is er een grote kans dat de hoogte voor wijzigt. Controleer daarom de hoogte voor opnieuw, en stel deze eventueel opnieuw af. Denk eraan elke keer de 2CV dusdanig op te krikken dat de wielen volledig van de grond zijn. Ook dien je voor elke nieuwe meting de wagen weer enkele malen op en neer te bewegen. Zorg dat je kriksteunen of bokjes onder het chassis plaatst elke keer na het opkrikken, voor de veiligheid.

Voor 2CV’s vanaf 1962 geld dezelfde procedure, echter zonder het gewicht van 50 kg in de Berline en het gewicht van 60kg in de bestelauto. In de tabel is dan ook te zien dat de wagenhoogte door Citroën hierop is aangepast.

Voor de speciale anti galop veren (zie figuur 1) geldt een andere hoogte afstelling.

Bij de 2CV4/6 wordt de hoogte gemeten tussen de traverse bouten waarmee de asbuizen voor en achter zijn bevestigd of de afstand tussen de onderzijde van de naaf van de draagarm en de vloer. Citroën geeft hierbij de mogelijkheid tot keuze (zie tabel).

Door de jaren heen zijn de afstelhoogtes van de diverse types maar marginaal gewijzigd. Toch is het belangrijk de specificaties van Citroën voor wat betreft elk type eend aan te houden.

Tijs Kolen

 

Één reactie

  1. Hans Beltman
    Hans Beltman / 4-14-2017 / ·

    waar vind ik de foto s of de lijstjes met de hoogte ?

    groet

    Hans

Laat een reactie achter